appSensoren en MultiMeasure Mobile App van Trotec
  1. Producten en diensten
  2. Meetinstrumenten
  3. AppSensoren
  4. Zo werkt het

Inhoudsopgave


Toepasbare appSensoren

BA16WP schoepenwiel-anemometer

De appSensor BA16WP is een schoepenwiel-anemometer, die in combinatie met de MultiMeasure Mobile app het meten van windsnelheid, volumestroom, luchttemperatuur en relatieve luchtvochtigheid mogelijk maakt.

Bij de meting van een individuele waarde kan de meetwaarde zowel via de app, evenals door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat worden geactualiseerd.

Naast de houdfunctie voor de meetwaarde, maakt het meetapparaat ook weergave van minimale, maximale en gemiddelde waarde, evenals het uitvoeren van meetreeksen mogelijk.

Voor het meten van volumestroom op de sensorpagina van de app de gemiddelde doorsnede van het te meten ronde, resp. hoekige stromingskanaal in m² opgeven.

Bij de sensorinstellingen kunt u de met de BA16WP gemeten parameters MAX- en MIN-alarmgrenswaarden definiëren.

Schoepenwiel-anemometer BA16WP
Schoepenwiel-anemometer BA16WP

BA30WP hittedraad-anemometer

De appSensor BA30WP is een hittedraad-anemometer, die in combinatie met de MultiMeasure Mobile app het meten van windsnelheid, volumestroom, luchttemperatuur en relatieve luchtvochtigheid mogelijk maakt.

Bij de meting van een individuele waarde kan de meetwaarde zowel via de app, evenals door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat worden geactualiseerd.

Naast de houdfunctie voor de meetwaarde, maakt het meetapparaat ook weergave van minimale, maximale en gemiddelde waarde, evenals het uitvoeren van meetreeksen mogelijk.

Voor het meten van volumestroom op de sensorpagina van de app de gemiddelde doorsnede van het te meten ronde, resp. hoekige stromingskanaal in m² opgeven.

Bij de sensorinstellingen kunt u de met de BA30WP gemeten parameters MAX- en MIN-alarmgrenswaarden definiëren.

De hittedraad-anemometer BA30WP heeft een uittrekbare telescoopsonde.

Hittedraad-anemometer BA30WP
Hittedraad-anemometer BA30WP

Belangrijk: Bij het gebruik van de BA30WP zorgen de open zijde van de sensorpunt in de stroming wordt gehouden, omdat anders de meetwaarden worden vervalst. De hier voor de meting gebruikte zogenaamde hittedraad, ius zeer dun en zeer gevoelig. Daarom alleen metingen uitvoeren in het sensorspecifieke meetbereik. De sensor nooit blootstellen aan sterke mechanische belastingen en probeer niet deze mechanisch te reinigen, zodat defecten worden voorkomen.


BC21WP thermohygrometer

De appSensor BC21WP is een thermohygrometer, die in combinatie met de MultiMeasure Mobile app het meten van luchttemperatuur en relatieve luchtvochtigheid mogelijk maakt.

De op basis hiervan te berekenen waarden Dauwpunt, mengverhouding (g/kg), absolute vochtigheid (g/m³) en Vochtkogeltemperatuur worden direct in de app berekend en getoond.

Bij de meting van een individuele waarde kan de meetwaarde zowel via de app, evenals door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat worden geactualiseerd.

Naast de houdfunctie voor de meetwaarde, maakt het meetapparaat ook weergave van minimale, maximale en gemiddelde waarde, evenals het uitvoeren van meetreeksen mogelijk.

Bij de sensorinstellingen kunt u de bovendien alle met de BC21WP gemeten parameters MAX- en MIN-alarmgrenswaarden definiëren.

Thermohygrometer BC21WP
Thermohygrometer BC21WP

BM22WP materiaalvochtigheids-meetapparaat

De appSensor BM22WP is een materiaalvochtigheids-meetapparaat, dat in combinatie met de MultiMeasure Mobile app een materiaalvochtigheidsmeting volgens het weerstandsproces mogelijk maakt.

Bij de meting van een individuele waarde kan de meetwaarde zowel via de app, evenals door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat worden geactualiseerd.

Naast de houdfunctie voor de meetwaarde, maakt het meetapparaat ook weergave van minimale, maximale en gemiddelde waarde, evenals het uitvoeren van meetreeksen mogelijk. Bovendien beschikt dit meetapparaat over de mogelijkheid een Matrix-meting uit te voeren.

Bij de sensorinstellingen kunt u de met de BM22WP gemeten parameters MAX- en MIN-alarmgrenswaarden definiëren.

Voor een correcte controle van het vochtgehalte kan bovendien de materiaalspecificatie van het meetgoed worden gedefinieerd. Kies hiervoor bij de sensorinstellingen in het contextmenu van de sensor het geschikte materiaal. Standaard is ingesteld als materiaaltype Hout.

Op dit moment kan worden gekozen uit de materiaaltypen:

  • Hout
  • Pleisterwerk
  • Baksteen
  • Cementmortel
  • Cementdekvloer
  • Beton

Houd er graag rekening mee dat het bij de bepaalde waarden gaat om indicatieve richtwaarden: De bij de materiaaltypen vastgelegde meetcurven zijn gemiddelde karakteristieken van een doorsnede van de verschillende stoftypen van het geselecteerde materiaaltype. Omdat vooral bij minerale bouwmaterialen bovendien chemische toeslagen, evenals verzilting, het meetresultaat beïnvloeden, zijn de bepaalde meetresultaten indicatief en niet als absoluut te beoordelen.

Gebruiksinstructie:

De elektrodepunten zo diep mogelijk inbrengen in het te meten materiaal, gebruik echter nooit puur geweld! Om het meetapparaat te beschermen mogen de meetstiften nooit met een hamer in het materiaal worden geslagen.

Materiaalvochtigheids-meetapparaat BM22WP
Materiaalvochtigheids-meetapparaat BM22WP
Materiaalvochtigheids-meetapparaat BM22WP
Materiaalvochtigheids-meetapparaat BM22WP

BM31WP materiaalvochtigheids-meetapparaat

De appSensor BM31WP is een materiaalvochtigheids-meetapparaat, dat in combinatie met de MultiMeasure Mobile app een materiaalvochtigheidsmeting volgens het capacitieve meetproces mogelijk maakt.

Bij de meting van een individuele waarde kan de meetwaarde zowel via de app, evenals door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat worden geactualiseerd.

Naast de houdfunctie voor de meetwaarde, maakt het meetapparaat ook weergave van minimale, maximale en gemiddelde waarde, evenals het uitvoeren van meetreeksen mogelijk. Bovendien beschikt dit meetapparaat over de mogelijkheid een Matrix-meting uit te voeren.

Bij de sensorinstellingen kunt u de met de BM31WP gemeten parameters MAX- en MIN-alarmgrenswaarden definiëren.

Voor een optimale meting de sensor zo haaks mogelijk volledig op het te meten materiaal plaatsen en rond de hoeken een afstand houden van 8 - 10 cm.

In de app worden extra richtwaarden voor een voorcontrole van de beleggingsgereedheid van dekvloeren in M-% en CM-% weergegeven. U kunt bij de sensorinstellingen in het contextmenu van de sensor omschakelen tussen cement- en anhydrietdekvloer.

Houd er graag rekening mee dat het hierbij gaat om een indicatieve richtwaarde, die een voorgeschreven CM-meting niet vervangen: De bij de materiaaltypen vastgelegde meetcurven zijn gemiddelde karakteristieken van een doorsnede van de verschillende stoftypen van het geselecteerde materiaaltype. Omdat vooral bij minerale bouwmaterialen bovendien chemische toeslagen, evenals verzilting, het meetresultaat beïnvloeden, zijn de bepaalde meetresultaten indicatief en niet als absoluut te beoordelen.

Gebruiksinstructie:

Als gevolg van het meetproces moet de sensor na het inschakelen en voor aanvang van een meting worden gekalibreerd, om reproduceerbare waarden te kunnen geven. Pak hierbij de sensor zo ver mogelijk naar achter vast, echter maximaal in de zone van het zwarte rubber. Richt het meetapparaat van het lichaam en mogelijke voorwerpen af in de vrije ruimte. Een door de app gegenereerd toonsignaal klinkt, zodra de kalibratie met succes is afgesloten.

Zorg dat u de positie van uw hand op de sensor na het kalibreren niet wijzigt, omdat deze gewijzigde handpositie van invloed kan zijn op de gemeten waarden.

De sensor moet altijd na het inschakelen opnieuw worden gekalibreerd t.o.v. de omgevingscondities. Dit gebeurt automatisch, als de sensor na het inschakelen wordt verbonden met de app.

Geeft de sensor tijdens de meting foutieve waarden of heeft u de handpositie gewijzigd, kunt u handmatig een kalibratie van de sensor uitvoeren. Hiervoor de meting beëindigen en op de sensorpagina op het symbool van het contextmenu drukken en selecteer hier Kalibreren. De sensor kalibreert zich dan opnieuw en de app informeert met een toonsignaal, zodra de kalibratie met succes is afgesloten.

Materiaalvochtigheids-meetapparaat BM31WP
Materiaalvochtigheids-meetapparaat BM31WP
Materiaalvochtigheids-meetapparaat BM31WP

BP21WP pyrometer

De appSensor BP21WP is een pyrometer, die in combinatie met de MultiMeasure Mobile app het aanrakingsloos bepalen van oppervlaktetemperaturen via een infraroodmeting mogelijk maakt.

Bij de meting van een individuele waarde kan de meetwaarde zowel via de app, evenals door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat worden geactualiseerd.

Naast de houdfunctie voor de meetwaarde, maakt het meetapparaat ook weergave van minimale, maximale en gemiddelde waarde, evenals het uitvoeren van meetreeksen mogelijk. Bovendien beschikt dit meetapparaat over de mogelijkheid een Matrix-meting uit te voeren.

De sensor werkt met een vaste emissiegraad van 0,95 en heeft een geometrische resolutie van 10:1 (D:S). Houd er graag bij de meting rekening mee dat sterk reflecterende oppervlakken (bijv. metalen, glas, keramiek, etc.) het meetresultaat kunnen vervalsen.

Houd bovendien rekening met de verhouding van de afstand (D) t.o.v. de meetvlekdiameter (S). Hoe groter de afstand tot het object, des te groter is de meetvlekdiameter en des te onnauwkeuriger het meetresultaat. Het apparaat bepaalt de gemiddelde temperatuur op basis van alle in de meetvlek aanwezige temperaturen.

De pyrometer BP21WP is uitgerust met een extra inschakelbare multipunt-laser, die niet dient voor het bepalen van de temperatuur, maar uitsluitend als richthulp voor het te meten oppervlak.

Multipunt-laser in- en uitschakelen

U kunt de laser door kort twee keer op de meettoets te drukken in- of uitschakelen.

Alarmgrenswaarden en dauwpuntscan

Bij de sensorinstellingen kunt u de met de BP21WP gemeten parameters MAX- en MIN-alarmgrenswaarden definiëren.

Gebruikt u een parallel aan de app verbonden thermohygrometer BC21WP, kunt u het hiermee bepaalde dauwpunt als alarmgrenswaarde voor de pyrometer BP21WP overnemen, voor het zo verkrijgen van de functionaliteit van een dauwpuntscanner. Bereiken de gemeten temperatuurwaarden het dauwpunt of liggen ze hier onder, klinkt een door de app gegenereerd akoestische alarmsignaal.

Pyrometer BP21WP
Pyrometer BP21WP

BS30WP geluidsniveaumeetapparaat

De appSensor BS30WP is een geluidsniveaumeetapparaat, dat in combinatie met de MultiMeasure Mobile app het meten van geluidsemissies mogelijk maakt.

Bij de meting van een individuele waarde kan de meetwaarde zowel via de app, evenals door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat worden geactualiseerd.

Naast de houdfunctie voor de meetwaarde, maakt het meetapparaat ook weergave van minimale, maximale en gemiddelde waarde, evenals het uitvoeren van meetreeksen mogelijk.

Bij de sensorinstellingen kunt u de met de BS30WP gemeten parameters MAX- en MIN-alarmgrenswaarden definiëren.

Geluidsniveaumeetapparaat BS30WP
Grafiekweergave geluidsniveaumeting

De app in één overzicht

Voor een snellere oriëntatie, is MultiMeasure Mobile ingedeeld in vijf thematische menu-tabbladen:

Opmerking: Bij iOS worden de menu-tabbladen systeemgerelateerd weergegeven onderin de schermrand, bij Android zijn ze aan de bovenrand van het scherm weergegeven.

     

De menu-tabbladen van de MultiMeasure Mobile app

Menu-tabblad sensoren

Menu-tabblad sensoren

Het menu-tabblad Sensoren dient als overzichtspagina voor uw appSensoren. Hier heeft u toegang tot uw appSensoren, kunt u ze met de app verbinden, voor metingen gebruiken en loskoppelen van de app.

Menu-tabblad "Sensoren"

appSensor met de app herkennen

Alleen herkende appSensoren kunnen worden verbonden met de app.

Om de sensor met de app te kunnen herkennen, moet bluetooth op uw smartphone zijn geactiveerd. Bovendien heeft u voor enkele functies toegang tot uw locatie en een actieve internetverbinding nodig.

Is de bluetooth-functie op uw mobiele eindapparaat actief, kunt u de appSensor door drie keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat inschakelen. Een oranje knipperend lampje signaleert dat de appSensor klaar is voor het verbinden. Zodra de appSensor met succes is herkend, wordt de appSensor op het menu-tabblad Sensoren bij Actieve sensoren in uw buurt aangeboden voor verbinding.

appSensor met de app verbinden

Herkende appSensoren worden op menu-tabblad Sensoren in de lijst Actieve sensoren in uw buurt weergegeven en kunnen daarna met de app worden verbonden. Tik hiervoor eenvoudig op het naast de sensoraanduiding aangeboden commando Verbinden. De sensor is nu met de app verbonden, het lampje op de sensor knippert groen en de appSensor wordt in de lijst Beschikbare sensoren weergegeven en kan worden gebruikt voor metingen. Na het verbinden, schakelt de app automatisch naar de weergave van de sensorpagina van de verbonden appSensor.

Bekende problemen

Kan uw appSensor niet met de app worden verbonden?

Voor het geval dat de appSensoren niet met de app op uw mobiele eindapparaat kan worden verbonden, hoewel deze bluetooth herkend en als "Beschikbare sensoren" worden weergegeven, graag onze aanwijzingen volgen in paragraaf "Bekende problemen".

appSensor van de appSensor loskoppelen

Om een appSensor weer los te koppelen van de app, veegt u op het menu-tabblad Sensoren in het appSensor-overzicht de rode markering van de te ontkoppelen appSensor naar links – waarna naast de sensoraanduiding Sensor loskoppelen verschijnt – en bevestig de ontkoppelprocedure door het tikken op dit commando. De appSensor wordt losgekoppeld van de app.

Alternatief kan elke appSensor ook direct via de sensorpagina van de app worden losgekoppeld. Op elke sensorpagina is rechts een contextmenu voor de betreffende sensor beschikbaar. Een klik op het contextmenu maakt naast meer sensorspecifieke instelmogelijkheden ook het commando Sensor loskoppelen beschikbaar.

appSensor uitschakelen

Is de verbinding van de appSensor in de app verbroken, kan het meetapparaat door het vijf seconden drukken en ingedrukt houden van de meettoets actief worden uitgeschakeld. De meetapparaten hebben bovendien een automatische uitschakelfunctie (Auto-Off), die het apparaat circa drie minuten automatisch uitschakelt, voor zover de sensor niet opnieuw is verbonden. Graag de appSensor altijd eerst van de app loskoppelen, voordat u hem uitschakelt.

Het menu-tabblad sensoren toont u de verbonden sensoren, actieve sensoren in de buurt en beschikbare sensoren.
appSensoren herkennen en verbinden
Voor het loskoppelen van de appSensor kunt u de rode markering met uw vinger naar links vegen. U komt bij de sensorinstellingen door het naar rechts vegen van de gele markering.
Sensorinstellingen en appSensor loskoppelen

appSensor met de app gebruiken – sensorpagina

Opmerking: De appSensor voor het gebruik bij de meting circa 10 minuten in de betreffende meetomgeving laten acclimatiseren.

Voor elke verbonden appSensor heeft u in de app een specifieke sensorpagina beschikbaar. U bereikt de sensorpagina door het eenvoudig klikken op de verbonden sensor in de lijst Beschikbare sensoren op het menu-tabblad Sensoren.

Na een verbindingsprocedure met een appSensor, schakelt de app automatisch naar de betreffende sensorpagina.

Meetwaarderegistratie en -weergave

Doorgaans begint de appSensor direct met de meetwaarderegistratie, zodra hij met de app is verbonden en toont hij de actueel gemeten waarden grafisch of numeriek.

Tip: Door het aanraken van de grafische weergave kunt u wisselen tussen de grafische en numerieke weergave.

De hier weergegeven meetwaarden worden niet automatisch opgeslagen. Kies voor het registreren van metingen op de sensorpagina de functie Registratie starten.

Opmerking: De geregistreerde meetwaarden van een verbonden sensor worden bovendien ook op het menu-tabblad Sensoren naast de naam van de metende appSensor weergegeven.

Bij enkele meetprocessen is een automatische start van de meetwaarderegistratie niet doelmatig, daarom is het bij een appSensor mogelijk de meetwaarden hiervan ook altijd op de sensorpagina van de app met een druk op de knop Meetwaarden actualiseren te registreren en weer te geven of alternatief door een keer kort drukken op de meettoets van het meetapparaat te actualiseren.

Opmerking: De app kan met meerdere appSensoren tegelijk zijn verbonden en ook meerdere metingen parallel registreren. Dit werkt niet alleen met verschillende appSensoren, maar ook met meerdere appSensoren van hetzelfde type.

Via het rode getal op het menu-tabblad Sensoren wordt altijd aangegeven hoeveel sensoren actueel zijn verbonden met uw mobiele apparaat.

Meer instelopties op de sensorpagina:

Contextmenu-symbool

Op elke sensorpagina is rechts een contextmenu voor de betreffende sensor beschikbaar. Het klikken op het contextmenu-symbool leidt naar extra instelmogelijkheden en informatie over deze appSensor.

Min / max resetten

Hier kunt u de alarmgrenswaarden voor de betreffende sensor vastleggen. Het met de sensor verbonden mobiele eindapparaat geeft dan bij het bereiken van deze waarde een toonsignaal, voor zover het geluid niet is uitgeschakeld.

X/T-meting

Voor zover de sensor deze functie ondersteunt, kunt u hier definiëren of bij de meetwaarderegistratie een X/T-meting of alleen een meting van een individueel punt moet worden geregistreerd. Vooringesteld is X/T-meting, voor het selecteren van een meting van een individueel punt X/T-meting deactiveren.

Sensor loskoppelen

Dit commando leidt u naar het contextmenu van de appSensor, waar u de appSensor kunt ontkoppelen van de app.

Sensorinstellingen

Via dit commando komt u bij de sensorinstellingen. Hier kunt u het serienummer van de sensor en de beschikbare meetgrootheden bekijken, de naam van de sensor bewerken en vastleggen of hij automatisch verbinding moet maken met uw mobiele apparaat. Bovendien kunt u hier meer specificaties vastleggen, bijvoorbeeld het materiaaltype, voor zover dit wordt ondersteund door de appSensor.

Registratie starten

Met deze functie kunt u een meetwaarderegistratie uitvoeren. Deze geregistreerde meetwaarden wordt opgeslagen in het apparaat en zijn via het menu-tabblad metingen beschikbaar.

Voor het starten van een registratie drukken op het commando Registratie starten. Bij voorgeselecteerde X/T-meting wordt daarna geregistreerd, tot de registratie door Registratie beëindigen weer wordt gestopt.

Een bijzondere vorm van meetwaarderegistratie is de zogenaamde Matrix-meting.


Matrixmeting en beeldopties

Met het materiaalvochtigheids-meetapparaat BM22WP voor weerstandsmeting, het materiaalvochtigheids-meetapparaat BM31WP voor diëlektrische metingen en de pyrometer BP21WP is het mogelijk een zogenaamde matrixmeting uit te voeren.

Een matrixmeting is een tweedimensionale, kleurrijk weergegeven vocht-, resp. warmteverdeling van een oppervlak, resp. een object. Dit maakt bijvoorbeeld een kwalitatieve beoordeling van de vochtverdeling en de warmtegeleiding uit te voeren.

Voor een nauwkeuriger analyse en een betere oriëntatie, kan de matrix worden voorzien van een digitaal achtergrondbeeld van het te onderzoeken oppervlak. Voor een snel overzicht, bijvoorbeeld voor het controleren van de beleggingsgereedheid van een dekvloer, kunnen eveneens individuele waarden worden opgeslagen en ook voor een nauwkeurig documentatie worden voorzien van een achtergrondbeeld.

Keuzeopties

Na het selecteren van het commando Registratie starten krijgt u vier keuzeopties:

  •     Meting van individueel punt zonder beeld
  •     Meting van individueel punt met beeld
  •     Matrixmeting zonder achtergrondbeeld
  •     Matrixmeting met achtergrondbeeld

Bij de keuzeopties met beeld komt u daarna in de beeldkeuzemodus. Het gewenste beeld kan worden overgenomen uit de op het mobiele apparaat aanwezige galerie of direct via de app worden gemaakt. Kies hiervoor een zoveel mogelijk overeenkomend beeldgedeelte van het te meten oppervlak.

Heeft u Meting van individueel punt met beeld geselecteerd, tik dan daarna direct op de plaats in het beeld waar u heeft gemeten. Op deze plek wordt dan de meetwaarde weergegeven.

Heeft u matrixmeting geselecteerd, wordt een rooster weergegeven, die bij een Matrixmeting met achtergrondbeeld het geselecteerde beeld als achtergrond heeft. Het aantal rijen en kolommen voor de matrix kunnen hier door u worden aangepast via een schuifregelaar.

Begin een matrixmeting altijd linksboven en meet telkens per kolom van boven naar beneden.

Bij hindernissen, die het opnemen van een meetwaarde onmogelijk maken (ramen, trappen, geïnstalleerde objecten, zoals verwarmingen of buizen, etc.) kunt u een of meerdere meetpunten overslaan met Overslaan.

De app springt automatisch naar een nieuwe kolom, zodra het aantal meetpunten uit kolom 1 is bereikt, behalve als u de meetreeks uitbreidt.

Heeft u per ongeluk een verkeerde waarde gemeten, kunt u deze ook Annuleren.

Bij het uitvoeren van een meting van een individueel punt met beeld, op de plek in het beeld tikken waar u heeft gemeten. Op deze plek wordt dan de meetwaarde weergegeven.

Symbool registratie

Zodra u de registratie heeft gestart, wordt rechts bovenin het app-scherm een rood REC-symbool weergegeven.

Bij Registratie beëindigen, heeft u de mogelijkheid de uitgevoerde meting op te slaan of te Annuleren.

Wilt u de meting opslaan, geef de meting dan een naam waarmee u de meting kunt terugvinden.

Opmerking: U kunt de meting ook direct vastleggen bij een klant. Heeft u de klant al in uw Klantgedeelte aangemaakt, kunt u door het aanraken van de pijl rechts de klant importeren en vastleggen. Door het tikken op het lege veld kunt u de klantnaam handmatig invoeren.

Heeft u bij de stamgegevens van de klant al een adres vastgelegd, wordt dit automatisch overgenomen. Bovendien wordt, als u locatie delen heeft ingeschakeld, de betreffende meting voorzien van de geo-coördinaten van het mobiele apparaat.

Bij Notities kunt u extra informatie invoeren. Heeft u een klant uit uw klantenbestand vastgelegd, vindt u daar informatie, zoals een telefoonnummer of het e-mailadres. Het notitieveld kan naar behoefte worden uitgebreid.

Wilt u de meting annuleren, tik dan op Annuleren en bevestig de verschijnende dialoog met OK. De meting wordt geannuleerd.

Een matrixmeting kunt u starten op de sensorpagina van de app met "Registratie starten".
Matrixmeting – registratie starten
Daarna kunt u met de keuzeopties het gewenste type van de matrixmeting selecteren.
Keuzeopties matrixmeting
Moet een matrixmeting met achtergrondbeeld worden uitgevoerd, kan de geïntegreerde camera direct worden geselecteerd.
Matrixmeting met fotokoppeling
Maak nu de foto voor de matrixachtergrond.
Maken van een foto als matrixachtergrond
De meetpuntenmatrix wordt door een rooster met een achtergrondfoto weergegeven, waarvan het aantal rijen en kolommen kan worden aangepast met schuifregelaars.
Rijen en kolommen definiëren voor de matrixmeting
Na het specificeren van alle opties kunt u de matrixmeting starten. Beginnend met rij 1 en kolom 1 leidt de app u door de meetprocedure.
Matrixmeting uitvoeren

Meetregistratie voortijdig afbreken

Wilt u de begonnen registratie voortijdig afbreken, bijvoorbeeld voor het aanpassen van de parameters voor het raster, dan eenvoudig het rode REC-symbool rechtsboven op het beeldscherm aanraken. Dan opent een contextmenu, waar u het afbreken van de registratie kunt bevestigen.

Matrixmeting met achtergrondbeeld voor het bepalen en visualiseren van de vochtverdeling.
Matrixmeting met BM31WP
Ook metingen van individuele punten kunnen voor een meer nauwkeurige documentatie worden voorzien van een achtergrondbeeld.
Meting van individueel punt met beeld

Bij de matrixmeting met achtergrondbeeld kunt u direct in de app een foto maken van de gemeten wand en hierover een meetraster leggen.
Het maken van een foto voor een matrixmeting met achtergrondbeeld
Na het opslaan van uw meting heeft u op het menu-tabblad metingen bij het item "Beeld genereren" de mogelijkheid een grafische weergave van de vochtverdeling (matrix) te maken.
Genereren van het vochtmatrixbeeld
Via het item "Gelaagd beeld genereren", kan ook een gelaagd beeld van beide beelden worden aangemaakt.
Vochtmatrix als gelaagd beeld met normaal beeld

Menu-tabblad metingen

Menu-tabblad metingen

Het menu-tabblad Metingen dient als overzichtspagina voor uw opgeslagen metingen met de opgegeven naam. Het getal tussen haakjes toont het aantal meetwaarden binnen de opgeslagen meting.

Tikt u op een meting, komt u op de metingpagina, waar u kunt beginnen met de analyse van de geselecteerde meting.

Via het item Basisgegevens kunt u de meetdatum, de vastgelegde klant, de notities, evenals de geo-coördinaten en de gebruikte sensor bekijken. De klantgegevens kunt u bovendien wijzigen of opnieuw invoeren.

Via het item Tabel aanmaken kunt u de gemeten waarden als tabel exporteren en zo voor een rapport of overzicht bij het item Analyses beschikbaar maken.

Via het item Beeld genereren kunt u, afhankelijk van de uitgevoerde meting, een beeld laten maken. De beschikbare beelden zijn afhankelijke van de meting een grafiek van het verloop of een grafische weergave van de vochtverdeling (matrix).

Via het item Gelaagd beeld genereren kunt u een gelaagde grafische weergave over een beeld (matrix met beeld of een meting van individueel punt met beeld) aanmaken.

Via het item Kleurenschaal kunt u het kleurschaalverdeling van de matrix aanpassen en kiezen uit een relatieve weergave en een absolute kleurenweergave met een zelf vastgelegde schaalverdeling.

Via het item Waarden kunt u de opgeslagen meetwaarden bekijken.

Kies bij analyseparameters de meetwaarden die in de gegenereerde tabel of de beeldverloop moeten worden weergegeven.

Menu-tabblad metingen – overzicht
Menu-tabblad metingen – metingpagina

Menu-tabblad rapporten

Menu-tabblad rapporten

Via het menu-tabblad Rapporten kunt u nieuwe rapporten aanmaken, evenals al aangemaakte rapporten bekijken en beheren.

De rapporten van de MultiMeasure Mobile app zijn korte rapporten voor het eenvoudig en snel aanmaken van documentatie voor de klant en als eigen bewijs.

Druk op het menu-tabblad Rapporten rechtsboven op het +-symbool voor het aanmaken van een nieuw rapport. Eerst een naam voor het rapport invoeren en daarna de klant kiezen of de klantnaam handmatig invoeren.

Via het geïntegreerde handtekeningveld kunt u het aangemaakte rapport direct door de klant laten bevestigen.

Zodra u de klant heeft geselecteerd, kunt u de betreffende voor deze klant vastgelegde metingen selecteren, die moeten worden gebruikt in het rapport.

Daarna bij Analyses de bij de betreffende meting gegenereerde tabellen en beelden selecteren, die moeten worden opgenomen in het rapport.

Bij Opmerkingen heeft u de beschikking over een veld voor vrije tekst, waar u een willekeurige tekst m.b.t. uw meting kunt invoeren. Noteer hier belangrijke aanvullende informatie, zoals bepaalde omstandigheden tijdens de meting, aanwezige personen en alle andere informatie die u wilt documenteren. Daarna uw rapport opslaan.

U kunt al uw opgeslagen rapporten laten weergegeven op de overzichtspagina. Tik op het gewenste rapport, om de opgegeven parameter te wijzigen.

Via het rechtsboven op de pagina weergegeven context-menu kunt u een PDF maken van uw rapport. Selecteer de op te nemen analyses en tik op PDF maken. De gemaakte PDF wordt weergegeven en u kunt deze daarna opslaan, afdrukken of via e-mail verzenden naar de klant (afhankelijk van de instellingen van het gebruikte mobiele apparaat).

Aanmaken van rapporten
geïntegreerd handtekeningveld

Menu-tabblad klanten

Menu-tabblad klanten

Via het menu-tabblad Klanten kunt u nieuwe klantrecords aanmaken, evenals al aangemaakte records bekijken en beheren.

Druk op het menu-tabblad rechtsboven op het +-symbool voor handmatig invoeren van de klant in de app of het importeren van een bestaand contact uit uw mobiele apparaat.

Tik op een klant voor het wijzigen van de vastgelegde gegevens, het wissen van de klant of het starten van een meting direct vanuit het klantrecord.

Menu-tabblad klanten
Voorbeeld van klantrecord

Menu-tabblad instellingen

Menu-tabblad instellingen

Via menu-tabblad Instellingen kunt u de taal van de app wijzigen.

Verder kunt u zich registeren met een account, om uw app-gegevens synchroon te houden op meerdere apparaten. Ook kunt u hier instellen dat de nieuwe gegevens bij een actieve WLAN-verbinding automatisch worden geüpload.

Heeft u nog vragen of interesse in meer sensoren?

Meldt u zich dan telefonisch via +49 2452 962-430 of per e-mail via info@trotec.com.

Menu-tabblad instellingen

Bekende problemen

Android

Verbinding met appSensor is niet mogelijk

1. Bluetooth-scanning niet geactiveerd

Bij enkele Android-apparaten kan het geburen dat de via bluetooth herkende appSensoren niet kunnen worden verbonden met de app hoewel ze worden weergegeven in de lijst Beschikbare sensoren. In dit geval de bluetooth-instellingen aanpassen op uw apparaat en bluetooth-scannen activeren.

Opmerking: De menunavigatie van de instellingspaden verschilt op basis van de gebruikte Android-versie en eventueel extra geïntegreerde bedieningspanelen van de fabrikant, bijvoorbeeld Samsung Experience of EMUI van Huawei.

Afhankelijk hiervan zijn o.a. de volgende instellingspaden voor activering van bluetooth-scannen mogelijk:

  • Instellingen → Biometrische gegevens en beveiliging → Gegevensbeveiliging → Locatie → Nauwkeurigheid verbeteren → Bluetooth-scanning
  • Instellingen → Google → Locatie → Nauwkeurigheid verbeteren → Bluetooth-scanning
  • Instellingen → Google → Locatie → Zoeken → Bluetooth-zoeken

2. GPS-functie niet geactiveerd

Opmerking: Afhankelijk van de gebruikte Android-versie en het smartphone-bedieningspaneel, kan het voor een succesvolle verbinding met de appSensoren noodzakelijk zijn de GPS-functie voor de app te activeren, hoewel de app zelf voor de correcte werking geen gebruik maakt van GPS.

Activeer daarom de GPS-functie en controleer daarna of u nu alle beschikbare appSensoren met de app kunt verbinden.


Beperkt aantal verbindingen met appSensors

1. Beperking van het aantal tegelijkertijd koppelbare apparaten door de fabrikant

Bij enkele Android-apparaten kan het voorkomen dat niet alle in de lijst met Beschikbare sensoren weergegeven appSensoren tegelijkertijd met de app kunnen worden verbonden.

Opmerking: Afhankelijk van de gebruikte Android-versie en het smartphone-bedieningspaneel, kan door de fabrikant een beperking van het maximale aantal parallel koppelbare apparaten van kracht zijn.

Voor controle van het maximaal mogelijke aantal tegelijkertijd met uw smartphone koppelbare apparaten, adviseren wij de volgende werkwijze:

Zodra geen extra appSensor meer met de app kan worden verbonden, moet u eerste een al verbonden appSensor ontkoppelen van de app en daarna proberen een andere appSensor met de app te verbinden. Lukt dit, kent u de door de fabrikant ingestelde verbindingsbeperkingen voor uw smartphonemodel en het maximaal mogelijke aantal tegelijkertijd verbonden apparaten.