Koude verdamper van een compressorkoudemiddeldroger
Home Comfort

Heeft u vragen?

Wij helpen u graag verder met meer informatie.

Centraal: +31 10 3135 250
  1. Producten en diensten
  2. Machines - HomeComfort
  3. Ontvochtiging
  4. Praktische kennis luchtontvochtigers
  5. Luchtontvochtigingsprocessen in één overzicht
  6. Condensdrogers met compressortechniek

Condensdrogers met compressortechniek

Technische verschillen en werkingsprincipe van compressorkoudemiddeldrogers

Omdat luchtontvochtiging meestal in de huiselijke omgeving plaatsvindt binnen een temperatuurbereik van 15 tot 25 °C, behoort deze apparaatconstructie door de uitstekende verhouding tussen prijs, capaciteit, rendement en energiezuinigheid tot de meest gebruikte luchtontvochtigers voor privégebruik en in de bouwsector.

Condensdrogers met compressor werken volgens het koelkastprincipe. Binnenin werkt een compressorkoudesysteem dat een koudemiddel door twee warmte-overdrachtselementen leidt – condensor en verdamper.

Een abrupte koudeschok maakt het mogelijk

Door een compressor en een expansieklep wordt het koudemiddel in dit gesloten circuit blootgesteld aan wisselende drukken, waardoor het gas bij compressie aan de condensorzijde wordt verhit en bij ontspanning aan de verdamperzijde abrupt tot zeer ver onder de ruimtetemperatuur afkoelt.

Bij de verdamper wordt de temperatuur als het ware in één klap afgeremd – de lucht wordt abrupt tot onder de dauwpunttemperatuur gekoeld, waardoor het in de lucht aanwezige vocht hier condenseert in waterdruppels, die in een opvangreservoir druppelen. De koude, droge lucht wordt daarna door de hete condensor geleid, neemt daar warmte op en stroomt daarna als droge warme lucht weer terug in de ruimte, waar het opnieuw wordt verrijkt met vocht.

Geen kans voor de ijstijd

Afhankelijk van omgevingstemperatuur en luchtvochtigheid kan de verdamper zeer koud worden en kan bij ruimtetemperaturen onder 15 °C ijs ontstaan op het oppervlak.

Een toenemende ijsvorming “Verstopt” de lamellen enigszins en verlaagt zo de ontvochtigingscapaciteit van het apparaat.

Daarom hebben alle condensatieluchtontvochtigers met een compressor een inrichting voor het regelmatig ontdooien van de verdamper – meestal door luchtcirculatie of heet gas, zoals in de volgende paragraaf “Ontdooiprocessen” wordt beschreven.

Zou dit ontdooiproces via luchtcirculatie- of heetgasontdooiing niet plaatsvinden, zou de verdamper (koudedeel) na verloop van tijd compleet dichtvriezen, tot een echte “Ijswand” elke doorstroming van lucht onmogelijk zou maken.

Het werkingsprincipe van compressorkoudemiddeldrogers
Een voor servicedoeleinden geopende compressorkoudemiddeldroger toont de bovenin in het apparaat geïntegreerde warmtewisselaar met voorste verdamper (1), op het koele oppervlak hiervan condenseert de lucht en valt de hieronder liggende goot (2) voor het afvoeren van het opgevangen condens naar het wateropvangreservoir. Onderin het apparaat is de compressor (3) voor het comprimeren van het koudemiddel ingebouwd.
Geopende compressorkoudemiddeldroger
Blik op de warmtewisselaar en de condensopvangkuip

Ontdooiprincipes van compressorkoudemiddeldrogers:

Luchtcirculatie-ontdooiing

Bij dit proces gebeurt het ontdooien meestal elektronisch tijd- of sensorgestuurd via circulatiebedrijf, daarom wordt het ook vaak elektronische of elektrische ontdooiing genoemd:

Bij toenemende ijsvorming op de verdamper wordt de compressor uitgeschakeld en het ontdooiproces ingeschakeld, terwijl de ventilator meestal blijft draaien en de verdamper met warme ruimtelucht omstroomt voor het ontdooien hiervan.

Dit is een beproefd proces en het werkt in verwarmde omgevingen boven ca. 15 °C doorgaans goed.

Bij toepassing van dergelijke drogers in koelere omgevingen, onder 15°C, ligt de oppervlaktetemperatuur van de verdamper onder 0 °C, dit zorgt voor een sterke ijsvorming op het oppervlak, dat daarna bij apparaten met luchtcirculatie-ontdooiing door de aanzienlijk langere ontdooitijd praktisch continu zou moeten worden ontdooid.

Met luchtontvochtigers die met luchtcirculatie worden ontdooid, kan in dergelijke koele omgevingen dus vrijwel geen regulier ontvochtigingsbedrijf meer plaatsvinden, omdat het apparaat bijna permanent bezig is met de eigen ontdooiing!

Daarom zijn koudemiddeldrogers met luchtcirculatie-ontdooiing in warme ruimten met gematigde luchttemperaturen boven 15 °C vanuit economisch oogpunt vrijwel altijd een goede keuze.

Heetgasontdooiing

Luchtontvochtigers voor toepassing in koelere ruimten zijn niet voorzien van luchtcirculatie-ontdooiing, maar van een heetgas-ontdooisysteem volgens het bypassproces.

Hierbij wordt het hete koudemiddelgas van het compressiecircuit actief gebruikt voor een snelle en effectieve ontdooiing. Bij beginnende ijsvorming opent automatisch een speciale magneetklep, waardoor het hete gas uit de compressor in plaats van naar de condensor nu via de bypass rechtstreeks naar de verdamper wordt omgeleid. Na het ontdooien sluit deze klep weer en wordt de reguliere koudemiddelkringloop weer hersteld voor het luchtontvochtigingsbedrijf.

In tegenstelling tot luchtcirculatie-ontdooiing maakt de automatische heetgasontdooiing aanzienlijk kortere ontdooipauzes van slechts enkele minuten mogelijk, hetgeen een absolute voorwaarde is voor een effectieve luchtontvochtiging in zones met lage temperaturen, zoals onverwarmde ruimten. Per slot van rekening vindt de eigenlijke luchtontvochtiging alleen plaats tijdens de fase waarbij de droogapparatuur niet wordt ontdooid!

Voor de ontvochtiging van onverwarmde ruimten met temperaturen lager dan 15 °C zijn luchtontvochtigers met automatisch heetgassysteem altijd geschikter en effectiever inzetbaar dan apparaten met luchtcirculatie-ontdooiing met hetzelfde compressorvermogen.

Bij omgevingstemperaturen boven 15 °C naderen capaciteiten van ontvochtigers met heetgas- en ontdooi-automaat elkaar echter steeds meer, tot ze bij temperaturen boven ca. 18 °C in principe identiek zijn.

Conclusie: Koudemiddeldrogers met heetgasontdooiing zijn flexibel toepasbare allrounders, omdat hun ontdooisysteem het gebruik binnen omgevingstemperatuurbereiken van 5 tot 35 °C mogelijk maakt. Daarom zijn deze apparaten variabel toepasbaar in zowel warme als koude ruimten – ’s zomers en ’s winters. Apparaten met luchtcirculatie-ontdooiing kunnen daarentegen door het gebruikte proces alleen economisch en energetisch zinvol worden toegepast in omgevingen met temperaturen van 15 tot 35 °C.


Luchtontvochtiger-apparaattechniek – praktische kennis van Trotec

Praktische kennis luchtontvochtigers – alle hoofdstukken voor u in één overzicht

Hoofdstuk 1: Basiskennis luchtvochtigheid – alles absoluut relatief
Hoofdstuk 2: Overzicht van de luchtontvochtigingsprocessen – condensatie en adsorptie
Hoofdstuk 2.1: Condensdrogers met compressortechniek
Hoofdstuk 2.2: Condensdrogers met Peltier-techniek
Hoofdstuk 2.3: Adsorptiedrogers
Hoofdstuk 3: Welk luchtontvochtigingsproces voor welk doel?